Handleiding Mastervolt Mass 24/25-2

Op deze pagina vindt u de handleiding van de Mastervolt Mass 24/25-2. U kunt de handleiding direct inzien via de PDF viewer onder deze tekst. U kunt de handleiding ook als PDF in uw browser opnemen via deze link: Handleiding Mastervolt Mass 24/25-2

Koop Mastervolt Mass 24/25-2

Zie ook: Product FAQ

Veelgestelde vragen en antwoorden

Bekijk hier de antwoorden op de meest gestelde vragen over dit product dat te koop is op Acculaders.nl.

Algemeen en modelkeuze

Vraag 1: Welke modellen behandelt deze handleiding?

De handleiding behandelt de Mastervolt Mass 24/15-2 MB, Mass 24/25-2 MB en Mass 24/25-2 DNV MB.

Vraag 2: Waarvoor gebruikt u de Mass Charger?

De Mass Charger is een volautomatische 24V-acculader en gelijkrichter. Hij laadt de accu en kan tegelijkertijd aangesloten DC-verbruikers voeden.

Vraag 3: Wat is het belangrijkste verschil tussen de 24/15-2 en 24/25-2?

De 24/15-2 levert maximaal 15 A aan de hoofduitgang; de 24/25-2 en 24/25-2 DNV leveren maximaal 25 A. Alle modellen hebben daarnaast een tweede uitgang van maximaal 3 A.

Vraag 4: Wat onderscheidt de Mass 24/25-2 DNV?

De DNV-uitvoering levert dezelfde laadprestaties als de reguliere 24/25-2, maar heeft een groter aansluitcompartiment met meer ruimte voor de bekabeling.

Vraag 5: Voor welke accutypen zijn de laders instelbaar?

De specificaties noemen open loodzuur, gel/AGM-loodzuur, NiCd en Mastervolt MLi. Kies altijd het laadprofiel dat bij de aangesloten accu hoort.

Laden en bediening

Vraag 6: Hoe schakelt u de Mass Charger in?

Gebruik de ON/OFF-schakelaar. Een van de statusleds gaat branden en de lader begint direct te werken.

Vraag 7: Is de Mass Charger spanningsvrij wanneer u hem uitschakelt?

Nee. De verbinding met de accu en de AC-bron blijft intact, waardoor onderdelen in het apparaat onder spanning kunnen blijven.

Vraag 8: Hoe werkt de 3-traps Plus-laadkarakteristiek?

Na inschakelen begint de lader in Bulk met volle laadstroom. In Absorptie wordt de laadspanning begrensd terwijl de stroom afneemt. In Float houdt een lagere spanning de accu volledig geladen.

Vraag 9: Wanneer start automatisch een nieuwe laadcyclus?

Een nieuwe laadcyclus begint wanneer de accuspanning langer dan 30 seconden onder 25,6 V komt. U kunt dit ook forceren door de lader uit en weer in te schakelen.

Vraag 10: Wat betekent alleen laadstatus-led 1?

De lader bevindt zich in Bulk. De accu is leeg en de Mass Charger levert de volle laadstroom.

Vraag 11: Wat betekenen laadstatus-leds 1, 2 en 3?

De lader bevindt zich in Absorptie bij de ingestelde absorptiespanning, standaard 28,5 V. De accu is ongeveer 80% geladen en de laadstroom neemt geleidelijk af.

Vraag 12: Wat betekenen alle vijf laadstatus-leds?

De lader bevindt zich in Float en de accu is volledig geladen. De standaard floatspanning is 26,5 V.

Vraag 13: Hoe leest u de laadstroom af op het frontpaneel?

Leds 9 tot en met 13 tonen de laadstroom. De stappen zijn 0-5%, 5-25%, 25-50%, 50-75% en 75-100% van de maximale laadstroom.

Vraag 14: Waarvoor dient de accutemperatuursensor?

De sensor verhoogt de laadspanning bij een lage accutemperatuur en verlaagt deze bij een hoge temperatuur. Dit beperkt overladen en gasvorming en ondersteunt de levensduur van de accu.

Vraag 15: Waarvoor dient de tweede 3A-uitgang?

De tweede uitgang geeft een onderhoudslading aan een kleine accuset, bijvoorbeeld een startaccu. De uitgangsspanning is gelijk aan die van de hoofduitgang en de stroom komt uit de totale beschikbare laadstroom.

Vraag 16: Wanneer mag u Equalize gebruiken?

Equalize is uitsluitend geschikt voor natte open accu’s en moet door getraind personeel worden uitgevoerd volgens de instructies van de accufabrikant. Gebruik deze functie niet voor gel-, AGM- of Li-ionaccu’s.

Installatie en bekabeling

Vraag 17: Wie mag de Mass Charger installeren?

Laat installatie en ingebruikname uitvoeren door een bevoegd installateur. Maak vooraf zowel de AC- als de DC-installatie spanningsvrij.

Vraag 18: Waar monteert u de Mass Charger?

Monteer hem verticaal op een stevige ondergrond, met de aansluitkabels omlaag, in een droge en goed geventileerde ruimte die beschermd is tegen vocht en stof.

Vraag 19: Mag de lader in dezelfde ruimte als de accu worden geplaatst?

Nee. Plaats de Mass Charger niet in dezelfde ruimte als de accu en niet recht boven de accu vanwege mogelijke corrosieve accudampen.

Vraag 20: Welke AC-aansluiting gebruikt u?

Verbind fase met L1, nul met N en de groen-gele beschermingsleiding met PE/GND. De aardleiding moet iets langer zijn, zodat deze bij lostrekken het langst verbonden blijft.

Vraag 21: Is een aardlekschakelaar nodig?

Ja. De handleiding schrijft een aardlekschakelaar in de AC-ingang voor en vereist dat de behuizing via PE/GND met het aardpunt van schip of voertuig is verbonden.

Vraag 22: Welke DC-kabeldoorsnede gebruikt u voor de Mass 24/15-2?

Gebruik 6 mm² bij een kabellengte korter dan 3 meter en 10 mm² bij 3 tot 6 meter.

Vraag 23: Welke DC-kabeldoorsnede gebruikt u voor de Mass 24/25-2 en DNV-uitvoering?

Gebruik 10 mm² bij een kabellengte korter dan 3 meter en 16 mm² bij 3 tot 6 meter.

Vraag 24: Welke laderzekering hoort bij elk model?

Gebruik volgens de specificatietabel 20 A voor de Mass 24/15-2 en 32 A voor beide Mass 24/25-2-uitvoeringen.

Vraag 25: Waarom moet u de DC-kabels kort houden en goed vastzetten?

Te dunne kabels en losse verbindingen kunnen spanningsverlies en gevaarlijke oververhitting veroorzaken. Leg plus en min dicht bij elkaar en gebruik chassis of scheepsromp niet als mingeleider.

Vraag 26: Beschermt de zekering tegen ompoling?

Nee. De Mass Charger is niet tegen ompoling beveiligd en een zekering voorkomt de schade door verwisselde plus en min niet. Controleer de polariteit vóór aansluiting.

Vraag 27: Welke minimale accucapaciteit wordt aanbevolen?

Voor Mastervolt-gelaccu’s noemt de handleiding minimaal 50 Ah bij de Mass 24/15-2 en 60 Ah bij beide Mass 24/25-2-uitvoeringen.

Vraag 28: Hoe sluit u de tweede accu-uitgang aan?

Verbind de minpool van de tweede accu met de minpool van de hoofdaccu en de pluspool via 2,5 tot 4 mm² kabel met de +3A-aansluiting. Plaats een trage zekering van 10 A in de pluskabel.

Spanningssense, verdeling en alarm

Vraag 29: Wat doet de spanningssense-functie?

Spanningssense meet de spanning dicht bij de accu en compenseert verliezen in de DC-kabels. Met beide sensedraden aangesloten kan maximaal 3 V totaal worden gecompenseerd.

Vraag 30: Hoe sluit u spanningssense aan?

Gebruik 0,75 mm² rode en zwarte bedrading, beveilig deze met een trage zekering van 2 A en let op de polariteit. Sluit rood aan de accuzijde van de laderzekering aan.

Vraag 31: Wanneer gebruikt u een laadstroomverdeler?

Gebruik een laadstroomverdeler als u via de hoofduitgang meerdere accubanken tegelijk wilt laden en onderlinge ontlading tussen die banken wilt voorkomen.

Vraag 32: Hoe compenseert u de spanningsval over een laadstroomverdeler?

Kies óf DIP-switch 4 voor 0,6 V diodecompensatie óf spanningssense. Gebruik beide compensatiemethoden nooit tegelijk, omdat dit tot overladen en accuschade kan leiden.

Vraag 33: Wat doet de DC-alarmmodus?

In DC-alarmmodus reageert het alarm alleen op de accuspanning. De elektronica blijft ook bij uitgeschakelde lader actief en verbruikt ongeveer 25 mA.

Instellingen en MasterBus

Vraag 34: Wat doet DIP-switch 1?

DIP-switch 1 activeert Force Float. De lader gebruikt dan een vaste spanning van 26,5 V in plaats van het normale drietraps laadprogramma.

Vraag 35: Wat doet DIP-switch 2?

DIP-switch 2 activeert het tractieprofiel: 0,7 V extra tijdens Bulk en 0,4 V extra tijdens Absorptie voor een 24V-accu.

Vraag 36: Wat doet DIP-switch 3?

DIP-switch 3 activeert de gel/AGM-instelling en verhoogt de floatspanning tot 27,6 V.

Vraag 37: Wat doet DIP-switch 4?

DIP-switch 4 geeft 0,6 V compensatie voor de spanningsval over een laadstroomverdeler.

Vraag 38: Hoe bouwt u een correct MasterBus-netwerk?

Gebruik rechte UTP-kabels, plaats een terminator aan beide uiteinden, maak geen ringnetwerk en gebruik geen splitters. Sluit nooit een niet-MasterBus-apparaat rechtstreeks aan.

Vraag 39: Kan de Mass Charger het MasterBus-netwerk voeden?

Ja. Alle drie modellen zijn MasterBus-voedend. In het netwerk moet minimaal één op de drie apparaten MasterBus-voeding kunnen leveren.

Vraag 40: Welke laadwaarden zijn standaard ingesteld?

Bij 25 °C zijn de standaard absorptiespanning en bulkspanning 28,5 V en de floatspanning 26,5 V. De standaard maximale Bulk- en Absorptietijd is 360 minuten.

Storingen

Vraag 41: Wat betekent led 6 rood met laadstatus-led 3?

Er is kortsluiting vastgesteld. De lader verlaagt de laadstroom tot 25%; controleer de DC-installatie en aangesloten belasting.

Vraag 42: Wat betekent led 6 rood met laadstatus-led 4 of 5?

Led 4 duidt op een te lage of te hoge DC-spanning. Led 5 duidt op een fout in de accutemperatuursensor.

Vraag 43: Waarom zijn er geen uitgangsspanning en laadstroom?

Controleer de AC-kabels, AC-zekering en afstandsbediening. De AC-ingang kan lager dan 180 V zijn of de ingangsfrequentie kan buiten het toegestane bereik liggen.

Vraag 44: Waarom is de laadstroom lager dan verwacht?

Een bijna volle accu is normaal. Andere oorzaken zijn een hoge omgevingstemperatuur of een lage AC-ingangsspanning; de lader reduceert dan automatisch de laadstroom.

Vraag 45: Waarom worden de accu’s niet volledig geladen?

Controleer op te lage laadstroom, te hoge DC-belasting, te korte laadtijd, hoge accutemperatuur en een oude of defecte accu.

Vraag 46: Waarom worden accu’s warm of gaan ze gassen?

Mogelijke oorzaken zijn een defecte cel, een hoge accutemperatuur of een te hoge laadspanning. Controleer de sensor en laadinstellingen en vervang een defecte accu.

Technische gegevens

Vraag 47: Welke netspanning en frequentie gebruiken de laders?

De ingang is 230 V met een tolerantie van -10% tot +15% en 50/60 Hz met een tolerantie van ±5 Hz. De softstart voorkomt een afzonderlijke inschakelstroompiek.

Vraag 48: Wat zijn ingangsvermogen en ingangsstroom per model?

De Mass 24/15-2 gebruikt 550 W en 2,5 A. Beide Mass 24/25-2-uitvoeringen gebruiken 800 W en 3,6 A.

Vraag 49: Wat is het maximale rendement?

Het maximale rendement bedraagt bij alle drie modellen 89%.

Vraag 50: Hoe veranderen vermogen en koeling bij hoge temperatuur?

De lader levert 100% uitgangsvermogen van -20 tot 40 °C. Boven 40 °C neemt het vermogen met 2,5% per graad af; de ventilator heeft een variabele snelheid.

Vraag 51: Welke beschermingsgraad en welk gewicht hebben de laders?

Alle drie modellen hebben beschermingsgraad IP23 en wegen 3,3 kg.

Mastervolt Mass 24/25-2