Op deze pagina vindt u de handleiding van de Mastervolt Mass Sine Ultra 24/4000. U kunt de handleiding direct inzien via de PDF viewer onder deze tekst. U kunt de handleiding ook als PDF in uw browser opnemen via deze link: Handleiding Mastervolt Mass Sine Ultra 24/4000
Koop Mastervolt Mass Sine Ultra 24/4000
Zie ook: Product FAQ
Veelgestelde vragen en antwoorden
Bekijk hier de antwoorden op de meest gestelde vragen over dit product dat te koop is op Acculaders.nl.
Product en werking
Vraag 1: Waarvoor wordt de Mastervolt Mass Sine Ultra 24/4000 gebruikt?
De Mass Sine Ultra 24/4000 zet gelijkspanning uit een 24V-accubank om in een gestabiliseerde sinusvormige wisselspanning van 230 V.
Vraag 2: Welk artikelnummer heeft de Mass Sine Ultra 24/4000?
Het artikelnummer is 26024000.
Vraag 3: Welke aansluitingen en onderdelen bevinden zich op de Mass Sine Ultra?
De handleiding toont een display met hoofdschakelaar, positieve en negatieve accuaansluitingen, AC-uitgang, drie ventilatoren, aardbout, twee Sync-aansluitingen, twee MasterBus-aansluitingen en een DIP-switchblok met acht schakelaars.
Vraag 4: Hoe snel start de Mass Sine Ultra na inschakelen?
Na inschakelen met de hoofdschakelaar of een optioneel bedieningspaneel duurt het ongeveer drie tot vijf seconden voordat de omvormer actief wordt.
Vraag 5: Kan de omvormer via MasterBus worden uitgeschakeld?
Met de hoofdschakelaar in de stand ON kan de omvormer via MasterBus worden in- en uitgeschakeld.
Vraag 6: Welke revisie heeft deze handleiding?
Deze handleiding heeft documentrevisie 10000010358/01.
Display en beveiligingen
Vraag 7: Wat betekent de AC Output-LED?
Een brandende pijl geeft aan dat de AC-uitgang onder spanning staat.
Vraag 8: Wat geven de LED's van de vermogensbalk aan?
Elke LED vertegenwoordigt 20% van het nominale omvormervermogen. Als de bovenste LED rood brandt, is de omvormer overbelast.
Vraag 9: Wat betekent een rode Battery-LED?
De spanning van de aangesloten accu is te hoog of te laag.
Vraag 10: Tegen welke storingen is de Mass Sine Ultra beschermd?
De omvormer is beveiligd tegen overbelasting, kortsluiting, oververhitting en te hoge of te lage DC-ingangsspanning.
Vraag 11: Waartegen is de Mass Sine Ultra niet beschermd?
De omvormer is niet beveiligd tegen ompoling van de DC-ingang, AC-spanning op de DC-ingang en extreme overspanning boven 300 V AC op de AC-uitgang.
Vraag 12: Wat gebeurt er bij een overbelasting of kortsluiting langer dan vijf seconden?
De uitgangsspanning wordt eerst begrensd. Duurt de overbelasting of kortsluiting langer dan vijf seconden, dan schakelt de Mass Sine Ultra uit en probeert hij automatisch opnieuw te starten.
Vraag 13: Wat gebeurt er na vijf mislukte herstartpogingen door overbelasting?
De omvormer schakelt permanent uit en de bovenste LED van de vermogensbalk blijft rood knipperen. Verwijder de oorzaak en reset het apparaat handmatig, via MasterBus of door de DC-voeding te onderbreken.
Vraag 14: Wat gebeurt er als de Mass Sine Ultra oververhit raakt?
De omvormer schakelt uit en start automatisch opnieuw zodra de temperatuur onder de ingestelde drempel is gedaald.
Vraag 15: Waardoor kan oververhitting ontstaan?
Mogelijke oorzaken zijn langdurig zware of niet-ohmse belastingen, een hoge omgevingstemperatuur en verstoorde luchtstroming door stof of onvoldoende vrije ruimte.
Vraag 16: Hoe werkt de dynamische onderspanningsbeveiliging?
De uitschakelspanning hangt af van de accustroom. Bij een lage stroom schakelt de omvormer bij een hogere accuspanning uit om schadelijke diepe ontlading door langdurige kleine belastingen te beperken.
Energiespaarstand en monitoring
Vraag 17: Hoe werkt de energiespaarstand van de Mass Sine Ultra?
De omvormer scant de AC-uitgang iedere 2,5 seconde met pulsen van 230 V. Zodra een belasting boven de ingestelde drempel wordt gedetecteerd, schakelt de omvormer automatisch in.
Vraag 18: Wat is de standaarddrempel van de energiespaarstand?
De standaardwaarde voor Scanning below is 10 W. Via MasterBus is deze drempel instelbaar van 10 tot 250 W.
Vraag 19: Waarom werken kleine klokjes mogelijk niet in de energiespaarstand?
Een kleine belasting kan onder de detectiedrempel blijven, waardoor de omvormer niet continu inschakelt.
Vraag 20: Welke gegevens toont MasterBus Monitoring?
MasterBus toont onder meer apparaatstatus, omvormerstatus, gebruikersmodus, accuspanning, geschatte accustroom en spanning, stroom en vermogen van de AC-uitgang.
Vraag 21: Wat betekent een negatieve accustroom in MasterBus?
Een negatieve waarde betekent dat de accu wordt ontladen.
Installatieomgeving en montage
Vraag 22: Wie mag de Mass Sine Ultra installeren?
Installatiewerkzaamheden mogen alleen door een bevoegde elektricien worden uitgevoerd.
Vraag 23: Waar mag de Mass Sine Ultra niet worden gebruikt?
Gebruik het apparaat niet waar gevaar bestaat voor gas- of stofexplosies of waar brandbare producten aanwezig kunnen zijn.
Vraag 24: Welke omgevingstemperatuur is toegestaan?
Het toegestane bedrijfsbereik is -25 tot 60 °C. Boven 40 °C wordt het beschikbare vermogen gereduceerd.
Vraag 25: Wat is de maximale installatiehoogte?
De maximale gebruiks- en installatiehoogte bedraagt 2000 meter.
Vraag 26: Hoe moet de Mass Sine Ultra worden gemonteerd?
Monteer de kast verticaal op een stevige constructieve ondergrond, met de aansluitkabels naar beneden.
Vraag 27: Hoeveel vrije ventilatieruimte is nodig?
Houd rondom minimaal 10 cm vrij en onder het apparaat minimaal 15 cm. Zorg dat warme lucht kan worden afgevoerd en de ventilatieopeningen vrij blijven.
Vraag 28: Mag de omvormer in dezelfde ruimte als de accu's worden gemonteerd?
Plaats de Mass Sine Ultra niet in hetzelfde compartiment als de accu's en niet direct boven de accu's vanwege corrosieve accudampen.
Vraag 29: Wat wordt standaard meegeleverd?
De levering omvat naast de Mass Sine Ultra de gebruikershandleiding en een MasterBus-afsluitweerstand.
Vraag 30: Welke boutmaat wordt voor montage gebruikt?
De kast kan met M6-bouten aan de ondergrond worden bevestigd.
AC- en DC-aansluiting
Vraag 31: Hoe sluit u fase, nul en aarde op de AC-uitgang aan?
Sluit de fase aan op L, de nulleider op N en de beschermingsaarde op PE.
Vraag 32: Welke AC-kabeldoorsnede is minimaal nodig?
Gebruik minimaal 2,5 mm² tot 20 A, 4 mm² van 20 tot 32 A, 6 mm² van 32 tot 48 A en 10 mm² van 48 tot 80 A.
Vraag 33: Welke DC-kabeldoorsnede adviseert de handleiding?
De aanbevolen minimale doorsnede voor de Mass Sine Ultra 24/4000 is 70 mm² of 2/0 AWG.
Vraag 34: Welke kabelschoenen zijn nodig voor de DC-kabels?
Gebruik M8-kabelschoenen en pers deze met geschikt krimpgereedschap op de kabels.
Vraag 35: Welk aandraaimoment geldt voor de DC-aansluitingen?
Draai de DC-aansluitingen vast met 15 tot 20 Nm.
Vraag 36: Hoe moet de negatieve DC-kabel worden aangesloten?
Sluit de negatieve kabel rechtstreeks aan op de minpool van de accubank of op de aardzijde van een stroomshunt. Gebruik het chassis of de scheepsromp niet als negatieve geleider.
Vraag 37: Waar plaatst u de DC-zekering?
Plaats een passende zekeringhouder met DC-zekering in de positieve accukabel. De zekeringwaarde hangt af van de gebruikte kabeldoorsnede.
Vraag 38: Wat gebeurt er bij ompoling van de DC-aansluiting?
Ompoling kan ernstige schade veroorzaken aan accu's, omvormer, bedrading en aansluitingen. De DC-zekering voorkomt deze schade niet.
Vraag 39: Hoe moet de behuizing worden geaard?
Verbind de aardbout met de scheepsromp of het voertuigchassis met een leiding van minimaal 10 mm².
Vraag 40: Welke aanvullende beveiliging is nodig op de AC-uitgang?
Verbind de nulleider van de AC-uitgang met PE/GND en plaats een aardlekschakelaar van 30 mA in de AC-uitgang, overeenkomstig de plaatselijke voorschriften.
MasterBus-netwerk
Vraag 41: Welke kabels gebruikt u voor MasterBus?
Gebruik standaard rechte UTP-patchkabels tussen de MasterBus-apparaten.
Vraag 42: Hoe worden de uiteinden van een MasterBus-netwerk afgesloten?
Plaats op beide uiteinden van het netwerk een MasterBus-afsluitweerstand.
Vraag 43: Mag een MasterBus-netwerk als ring worden aangesloten?
Maak geen ringnetwerk en gebruik geen T-aansluitingen.
Vraag 44: Moet MasterBus afzonderlijk worden gevoed?
Minimaal één apparaat in het netwerk moet MasterBus voeden. Meerdere voedende apparaten zijn toegestaan doordat ze galvanisch gescheiden zijn.
Vraag 45: Mag een niet-MasterBus-apparaat rechtstreeks worden aangesloten?
Sluit een niet-MasterBus-apparaat niet rechtstreeks op het MasterBus-netwerk aan.
Parallelle en driefasensystemen
Vraag 46: Welke meervoudige configuraties ondersteunt de Mass Sine Ultra?
De handleiding beschrijft parallelle, split-phase- en driefasenconfiguraties en combinaties daarvan met meerdere omvormers per fase.
Vraag 47: Hoeveel Mass Sine Ultra's kunnen parallel worden geschakeld?
Er kunnen standaard maximaal tien identieke Mass Sine Ultra's parallel worden geschakeld.
Vraag 48: Hoe groot mag een driefasen-parallelcluster zijn?
De opgegeven maximale configuratie is 3 x 3 omvormers.
Vraag 49: Mogen verschillende Mass Sine Ultra-modellen in één cluster worden gebruikt?
Gebruik in een meervoudige configuratie uitsluitend identieke Mass Sine Ultra's met hetzelfde artikelnummer.
Vraag 50: Welke afstand houdt u tussen meerdere omvormers?
Houd minimaal 10 cm vrije ruimte tussen naast of boven elkaar gemonteerde apparaten en voorkom dat het ene apparaat het andere opwarmt.
Vraag 51: Moeten overeenkomstige vermogenskabels in een cluster even lang zijn?
In parallelle en driefasenconfiguraties moeten alle overeenkomstige kabels dezelfde lengte hebben.
Vraag 52: Waarvoor dienen de Sync-aansluitingen?
De Sync-kabels synchroniseren omvormers in parallelle, split-phase- en driefasenconfiguraties. Sluit de Sync-kabels bij clusterverbindingen altijd aan.
Vraag 53: Hoe bedient u een cluster van meerdere omvormers?
Bedien het systeem via de hoofdschakelaar van de master. De slaves moeten al op ON staan en volgen daarna de master. Bij meerdere masters wordt het systeem via de L1-master bediend.
Vraag 54: Wat gebeurt er als één omvormer in een cluster een alarm heeft?
Alle omvormers in hetzelfde parallelle, split-phase- of driefasencluster schakelen uit.
Vraag 55: Hoe stelt u twee parallelle omvormers in met DIP-switches?
Zet A1/A2 op 1/0 voor de master en op 0/1 voor de slave. De stand 0/0 is zelfstandig bedrijf; voor meer dan twee parallelle apparaten is MasterBus-configuratie nodig.
Vraag 56: Wat gebeurt er als u de cluster-DIP-switches bedient?
Door de DIP-switches voor de parallelconfiguratie te bedienen gaat de eerdere clusterconfiguratie verloren.
Configuratie via DIP-switches en MasterBus
Vraag 57: Welke functies stelt u met de DIP-switches in?
A1-A2 bepalen de parallelmodus, A3 kiest 50 of 60 Hz, A4 schakelt de scanmodus in en A7-A8 kiezen het accutype.
Vraag 58: Welke accutypen zijn met DIP-switches selecteerbaar?
Met A7-A8 kiest u natte loodzuuraccu, gel, AGM of tractie-natte loodzuuraccu.
Vraag 59: Hebben DIP-switches of MasterBus-instellingen voorrang?
DIP-switchinstellingen hebben voorrang. Bij een afwijkende DIP-stand wordt de overeenkomstige MasterBus-instelling grijs weergegeven en kan deze daar niet worden gewijzigd.
Vraag 60: Welke uitgangsspanning is via MasterBus instelbaar?
De AC-uitgangsspanning is instelbaar van 180 tot 260 V en staat standaard op 230 V.
Vraag 61: Welke uitgangsfrequenties zijn selecteerbaar?
De uitgangsfrequentie kan op 50 of 60 Hz worden ingesteld.
Vraag 62: Welke accutypen zijn via MasterBus beschikbaar?
U kunt kiezen uit gebruikersgedefinieerd, natte loodzuuraccu, gel, AGM, spiral, MLi, tractie-natte loodzuuraccu en nikkel-cadmium.
Vraag 63: Welke instelbare DC-beveiligingswaarden zijn beschikbaar?
Bij een gebruikersgedefinieerd accutype zijn onder meer hoge uitschakel- en inschakelspanning, stroomafhankelijke lage uitschakelspanningen, lage inschakelspanning en onderspanningsvertraging instelbaar.
Alarmen, onderhoud en technische gegevens
Vraag 64: Wat betekenen Sync error, Config error en Install error?
Sync error wijst op ontbrekende synchronisatie, Config error op een ongeldige clusterconfiguratie en Install error op een installatieprobleem, bijvoorbeeld een verwachte slave die niet in het Sync-netwerk aanwezig is.
Vraag 65: Wat betekent de MasterBus-melding System error?
Dit is een interne fout van de Mass Sine Ultra. De handleiding adviseert contact op te nemen met de leverancier.
Vraag 66: Welk onderhoud is vereist?
Controleer alle aansluitingen iedere zes maanden. Reinig het apparaat zo nodig met een zachte, schone doek en gebruik geen vloeistoffen, oplosmiddelen, alcohol, benzine of schurende middelen.
Vraag 67: Wat zijn het continue vermogen en piekvermogen?
Het continue uitgangsvermogen bedraagt 4000 W bij 25 °C en bij 40 °C, met cos phi 1. De maximale piekbelasting bedraagt 7000 W.
Vraag 68: Wat zijn de nominale DC-stroom en aanbevolen accucapaciteit?
De nominale DC-stroom bij volle belasting bedraagt 200 A. De aanbevolen accucapaciteit is 200 tot 600 Ah.
Vraag 69: Wat is het DC-verbruik zonder belasting?
Het verbruik is 0 W bij hard uitgeschakeld, 4 W bij uitschakeling op afstand en 16 W tijdens normaal bedrijf zonder belasting.
Vraag 70: Wat zijn rendement en kwaliteit van de uitgangsspanning?
Het maximale rendement is minimaal 92%. De uitgang is een echte sinus met minder dan 1% totale harmonische vervorming onder standaardomstandigheden.
Vraag 71: Wat zijn afmetingen, gewicht en beschermingsklasse?
De Mass Sine Ultra meet 472 x 318 x 178 mm, weegt 15 kg en heeft beschermingsklasse IP23 bij verticale wandmontage.