Handleiding Victron Phoenix 48/2000 Omvormer

Op deze pagina vindt u de handleiding van de Victron Phoenix 48/2000 Omvormer. U kunt de handleiding direct inzien via de PDF viewer onder deze tekst. U kunt de handleiding ook als PDF in uw browser opnemen via deze link: Handleiding Victron Phoenix 48/2000 Omvormer

Koop Victron Phoenix 48/2000 Omvormer

Zie ook: Product FAQ

Veelgestelde vragen en antwoorden

Bekijk hier de antwoorden op de meest gestelde vragen over dit product dat te koop is op Acculaders.nl.

Algemeen

1. Wat is de Victron Phoenix Inverter Smart-serie?

De Victron Phoenix Inverter Smart-serie bestaat uit zuivere sinusomvormers die accuspanning omzetten naar een stabiele 230V AC-uitgangsspanning voor elektrische verbruikers.

2. Welke modellen behandelt deze handleiding?

Deze handleiding behandelt de Phoenix Inverter Smart 12/1600, 24/1600, 48/1600, 12/2000, 24/2000, 48/2000, 12/3000, 24/3000 en 48/3000.

3. Voor welke accuspanningen is de Phoenix Inverter Smart beschikbaar?

De Phoenix Inverter Smart is beschikbaar voor 12V-, 24V- en 48V-accusystemen. Het gekozen model moet overeenkomen met de accuspanning van de installatie.

4. Welke vermogens zijn beschikbaar binnen deze serie?

De serie bestaat uit 1600VA-, 2000VA- en 3000VA-uitvoeringen. Het continu uitgangsvermogen en piekvermogen verschillen per vermogensklasse.

5. Welke modellen zijn geschikt voor een 12V-accusysteem?

Voor 12V-accusystemen behandelt de handleiding de Phoenix Inverter Smart 12/1600, 12/2000 en 12/3000.

6. Welke modellen zijn geschikt voor een 24V-accusysteem?

Voor 24V-accusystemen behandelt de handleiding de Phoenix Inverter Smart 24/1600, 24/2000 en 24/3000.

7. Welke modellen zijn geschikt voor een 48V-accusysteem?

Voor 48V-accusystemen behandelt de handleiding de Phoenix Inverter Smart 48/1600, 48/2000 en 48/3000.

8. Wat is het ingangsspanningsbereik van de verschillende uitvoeringen?

Het ingangsspanningsbereik bedraagt 9,3 tot 17 V voor 12V-modellen, 18,6 tot 34 V voor 24V-modellen en 37,2 tot 68 V voor 48V-modellen.

9. Welke uitgangsspanning levert de Phoenix Inverter Smart?

De omvormer levert standaard 230 VAC met een nauwkeurigheid van ±2%. De uitgangsspanning is instelbaar tussen 210 V en 245 V.

10. Kan de uitgangsfrequentie worden aangepast?

De uitgangsfrequentie kan worden ingesteld op 50 Hz of 60 Hz. De standaard fabrieksinstelling is 50 Hz.

11. Ondersteunt de Phoenix Inverter Smart parallel- of driefasebedrijf?

Parallelbedrijf en driefasebedrijf worden door deze Phoenix Inverter Smart-modellen niet ondersteund.

12. Wat is het continu uitgangsvermogen van de 1600VA-modellen?

De 1600VA-modellen leveren 1300 W continu uitgangsvermogen bij 25 °C, 1200 W bij 40 °C en 800 W bij 65 °C.

13. Wat is het continu uitgangsvermogen van de 2000VA-modellen?

De 2000VA-modellen leveren 1600 W continu uitgangsvermogen bij 25 °C, 1450 W bij 40 °C en 1000 W bij 65 °C.

14. Wat is het continu uitgangsvermogen van de 3000VA-modellen?

De 3000VA-modellen leveren 2400 W continu uitgangsvermogen bij 25 °C, 2200 W bij 40 °C en 1700 W bij 65 °C.

15. Wat is het piekvermogen van de verschillende vermogensklassen?

Het piekvermogen bedraagt 3000 VA voor de 1600VA-modellen, 4000 VA voor de 2000VA-modellen en 6000 VA voor de 3000VA-modellen.

16. Waarvoor is het hoge startvermogen bedoeld?

Het hoge startvermogen is bedoeld voor belastingen met een hoge inschakelstroom, zoals voedingen voor LED-lampen, halogeenlampen, motoren, pompen en elektrisch gereedschap.

17. Wat is het maximale rendement van de Phoenix Inverter Smart?

Het maximale rendement bedraagt 92% voor 12V-modellen en 94% voor 24V- en 48V-modellen bij de 1600VA- en 2000VA-uitvoeringen. Bij de 3000VA-uitvoeringen bedraagt het maximale rendement 93% voor 12V, 94% voor 24V en 95% voor 48V.

18. Wat is het nullastverbruik van de verschillende modellen?

Het nullastverbruik bedraagt 8 W, 9 W en 11 W voor respectievelijk 12V-, 24V- en 48V-modellen bij de 1600VA- en 2000VA-uitvoeringen. Bij de 3000VA-uitvoeringen is dit 12 W, 13 W en 15 W.

19. Wat is het nullastverbruik in ECO-modus?

In ECO-modus bedraagt het nullastverbruik 0,6 W, 1,3 W en 2,1 W voor respectievelijk 12V-, 24V- en 48V-modellen bij de 1600VA- en 2000VA-uitvoeringen. Bij de 3000VA-uitvoeringen is dit 1,5 W, 1,9 W en 2,8 W.

20. Beschikt de Phoenix Inverter Smart over Bluetooth?

De Phoenix Inverter Smart heeft ingebouwde Bluetooth. Hiermee kan de omvormer via een smartphone of tablet worden geconfigureerd en bewaakt met VictronConnect.

21. Waarvoor wordt VictronConnect gebruikt?

VictronConnect wordt gebruikt voor configuratie en monitoring van onder andere accuspanningsniveaus, uitgangsspanning, uitgangsfrequentie, ECO-modus, Dynamic Cut-off, belasting, alarmen en relaisfunctie.

22. Waarvoor dient de VE.Direct-poort?

De VE.Direct-poort wordt gebruikt voor monitoring, systeemintegratie en configuratie. Voor configuratie via een computer is een VE.Direct-naar-USB-interface nodig.

Configuratie en bediening

23. Welke instellingen kunnen via Bluetooth worden aangepast?

Via Bluetooth en VictronConnect kunnen onder andere lage-accuspanningsalarmen, uitschakel- en herstartniveaus, Dynamic Cut-off, uitgangsspanning, uitgangsfrequentie, ECO-modus en het alarmrelais worden ingesteld.

24. Welke gegevens kunnen via VictronConnect worden bewaakt?

Via VictronConnect kunnen de ingangsspanning, uitgangsspanning, belasting, alarmen en bedrijfsstatus van de omvormer worden bewaakt.

25. Wat zijn de standaard fabrieksinstellingen?

De standaardinstellingen zijn 50 Hz uitgangsfrequentie, 230 VAC uitgangsspanning, zoekmodus uitgeschakeld, programmeerbaar relais op alarmfunctie en Dynamic Cut-off uitgeschakeld.

26. Wat is Dynamic Cut-off?

Dynamic Cut-off is een belastingafhankelijke DC-onderspanningsuitschakeling. De uitschakelspanning wordt aangepast aan de actuele belasting van de omvormer.

27. Wanneer moet Dynamic Cut-off niet worden gebruikt?

Gebruik Dynamic Cut-off niet wanneer ook andere belastingen op dezelfde accu zijn aangesloten. De omvormer houdt geen rekening met die extra belasting en kan daardoor te vroeg uitschakelen met een onderspanningsalarm.

28. Wat is de ECO-modus?

In ECO-modus schakelt de omvormer naar stand-by wanneer de belasting onder een ingestelde waarde daalt. Daarna schakelt de omvormer periodiek kort in om te controleren of de belasting weer hoog genoeg is.

29. Wat zijn de standaard ECO-instellingen?

De fabrieksinstellingen voor ECO-modus zijn uitschakelen bij 50 W lineaire belasting en inschakelen bij 100 W lineaire belasting.

30. Hoe vaak controleert de omvormer in ECO-modus op belasting?

In ECO-modus schakelt de omvormer standaard ongeveer elke 2,5 seconde kort in om te controleren of de belasting boven het ingestelde niveau komt.

31. Hoe wordt de omvormer met de drukknop bediend?

Met de drukknop schakelt de omvormer tussen On, ECO en Off. Wanneer de omvormer op On staat, is het product volledig functioneel en brandt de omvormer-LED.

32. Kan de omvormer via Bluetooth worden in- en uitgeschakeld?

De omvormer kan via Bluetooth worden in- en uitgeschakeld met VictronConnect op een iOS- of Android-apparaat. Wanneer de omvormer via Bluetooth of de drukknop is uitgeschakeld, kan deze niet opnieuw via de bedrade VE.Direct-poort worden in- of uitgeschakeld.

33. Welke mogelijkheden zijn er voor afstandsbediening?

Afstandsbediening is mogelijk met VictronConnect via Bluetooth, met een externe schakelaar op de tweepolige remote-connector of met een Phoenix Inverter Control VE.Direct-paneel.

34. Wanneer werkt een externe aan/uit-schakelaar?

Een externe aan/uit-schakelaar werkt alleen wanneer de schakelaar op de omvormer zelf op On staat.

35. Hoe kan onbedoeld inschakelen worden voorkomen?

Door de remote-connector met draadbrug te verwijderen, of de externe remote-schakelaar uit te schakelen, kan de omvormer niet onverwacht via de drukknop of Bluetooth worden ingeschakeld.

36. Welke relaisfuncties ondersteunt de Phoenix Inverter Smart?

Het programmeerbare relais ondersteunt normale werking, waarschuwingen en alarmen, lage accuspanning, externe ventilator en uitgeschakeld relais.

37. Hoe werkt de relaisstand normale werking?

In de relaisstand normale werking is het relais gesloten tijdens normaal bedrijf en open wanneer de omvormer zichzelf door een alarm uitschakelt, door de gebruiker wordt uitgeschakeld of wanneer er geen accuspanning beschikbaar is.

38. Hoe werkt de relaisstand waarschuwingen en alarmen?

In deze stand opent het relais ook bij een waarschuwing, bijvoorbeeld wanneer de accuspanning tot de uitschakelwaarde daalt of wanneer de belasting bijna tot overbelasting leidt.

39. Hoe werkt de relaisstand lage accuspanning?

In de relaisstand lage accuspanning schakelt het relais uit zodra er een waarschuwing voor lage accuspanning is. Het relais schakelt pas weer in wanneer de omvormer operationeel is en de accuspanning boven het vooralarmsresetniveau ligt.

40. Waarvoor dient de relaisstand externe ventilator?

In de relaisstand externe ventilator is het relais alleen actief wanneer de interne ventilator van de omvormer draait. Deze functie kan worden gebruikt om een externe ventilator te schakelen.

Installatie en aansluiting

41. Waar moet de Phoenix Inverter Smart worden geïnstalleerd?

Installeer de omvormer in een droge, goed geventileerde ruimte en zo dicht mogelijk bij de accu’s. Houd rondom het apparaat minimaal 10 cm vrije ruimte voor koeling.

42. Mag de omvormer direct boven de accu worden gemonteerd?

Monteer de omvormer nooit direct boven de accu’s. Accugassen en warmte kunnen de omvormer beschadigen of de bedrijfszekerheid verminderen.

43. Welke montagepositie heeft de voorkeur?

De omvormer kan horizontaal of verticaal worden gemonteerd. Verticale montage heeft de voorkeur, omdat deze positie de beste koeling biedt.

44. Waarom moet de afstand tussen accu en omvormer beperkt blijven?

Een korte afstand tussen accu en omvormer beperkt spanningsverlies in de DC-kabels en helpt het beschikbare vermogen beter te benutten.

45. Moet de omvormer worden geaard?

De Phoenix Inverter Smart is een product van veiligheidsklasse I. Het chassis moet worden aangesloten op aarde, het frame van een voertuig, de aardplaat of de romp van een boot.

Beveiligingen en storingen

46. Welke beveiligingen hebben alle Phoenix Inverter Smart-modellen?

Alle modellen beschikken over beveiligingen tegen te lage accuspanning, te hoge accuspanning, overbelasting, kortsluiting, overtemperatuur en een te hoge DC-rimpelspanning.

47. Wat gebeurt er wanneer de accuspanning te laag wordt?

Wanneer de accuspanning onder de ingestelde uitschakelspanning komt, schakelt de omvormer zichzelf uit om de accu tegen diepe ontlading te beschermen.

48. Wat gebeurt er wanneer de accuspanning te hoog wordt?

Bij een te hoge ingangsspanning schakelt de omvormer automatisch uit om schade aan de elektronica te voorkomen.

49. Wat gebeurt er bij overbelasting?

Wanneer het gevraagde uitgangsvermogen hoger is dan het maximaal toelaatbare vermogen, schakelt de omvormer zichzelf uit. Nadat de oorzaak is weggenomen kan de omvormer automatisch opnieuw starten.

50. Hoe reageert de Phoenix Inverter Smart op overtemperatuur?

Bij een te hoge interne temperatuur schakelt de omvormer zichzelf uit. Nadat de temperatuur voldoende is gedaald, wordt de normale werking automatisch hervat.

51. Waarom neemt het continu uitgangsvermogen af bij hogere temperaturen?

Bij hogere omgevingstemperaturen wordt het uitgangsvermogen automatisch begrensd om de interne elektronica tegen oververhitting te beschermen.

52. Welke LED geeft aan dat de omvormer normaal werkt?

Een continu brandende groene LED geeft aan dat de omvormer normaal functioneert.

53. Welke LED geeft aan dat de ECO-modus actief is?

Wanneer de ECO-modus actief is, brandt de gele LED.

54. Wat betekent een rode LED?

Een rode LED geeft aan dat een waarschuwing of beveiliging actief is, bijvoorbeeld door onderspanning, overspanning, overbelasting of overtemperatuur.

55. Wanneer schakelt de omvormer automatisch opnieuw in?

Wanneer de oorzaak van de storing is verdwenen, bijvoorbeeld nadat de accu is opgeladen of de omvormer voldoende is afgekoeld, kan deze automatisch opnieuw inschakelen.

Onderhoud en toepassingen

56. Welk onderhoud adviseert Victron?

Controleer regelmatig de accukabels, aansluitklemmen, ventilatieopeningen en elektrische verbindingen. Houd de ventilatieopeningen schoon zodat de koeling optimaal blijft functioneren.

57. Mag de Phoenix Inverter Smart door de gebruiker worden geopend?

Nee. De omvormer bevat gevaarlijke spanningen. Interne werkzaamheden mogen uitsluitend worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel.

58. Is de Phoenix Inverter Smart geschikt voor gevoelige elektronica?

Ja. Dankzij de zuivere sinusuitgang zijn alle modellen geschikt voor gevoelige apparatuur zoals computers, televisies, audioapparatuur, medische apparatuur en meetinstrumenten.

59. Is de Phoenix Inverter Smart geschikt voor inductieve belastingen?

Ja. Dankzij het hoge piekvermogen kunnen veel motoren, compressoren, pompen en andere belastingen met een hoge inschakelstroom betrouwbaar worden gestart.

60. Welke invloed heeft de accuspanning op de DC-stroom?

Bij een lager accuspanningsniveau is voor hetzelfde uitgangsvermogen een hogere DC-stroom nodig. Daarom vereisen 12V-modellen dikkere bekabeling en zwaardere zekeringen dan vergelijkbare 24V- en 48V-uitvoeringen.

61. Kunnen alle modellen met lithiumaccu’s worden gebruikt?

Ja. Alle modellen kunnen met lithiumaccu’s worden gebruikt. De relevante spanningsinstellingen kunnen via VictronConnect worden aangepast aan het gebruikte accutype.

62. Welke communicatie ondersteunen alle modellen?

Alle modellen beschikken over ingebouwde Bluetooth voor VictronConnect en over een VE.Direct-poort voor configuratie, monitoring en systeemintegratie.

63. Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen de 1600VA-, 2000VA- en 3000VA-modellen?

De modellen verschillen onder meer in continu uitgangsvermogen, piekvermogen, maximaal opgenomen DC-stroom, aanbevolen kabeldoorsneden, zekeringwaarden, afmetingen en gewicht. De beschikbare functies en configuratiemogelijkheden zijn grotendeels gelijk.

64. Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen de 12V-, 24V- en 48V-uitvoeringen?

De spanningsvarianten zijn afgestemd op verschillende accusystemen. Hogere accuspanningen leiden tot lagere DC-stromen, waardoor dunnere bekabeling en lichtere zekeringen kunnen worden toegepast.

65. Welke eigenschappen hebben alle Phoenix Inverter Smart-modellen gemeen?

Alle modellen beschikken over een zuivere sinusuitgang, Bluetooth, VictronConnect, VE.Direct, ECO-modus, Dynamic Cut-off, Remote On/Off, een programmeerbaar relais en uitgebreide elektronische beveiligingen.

66. Wat zijn de belangrijkste eigenschappen van de Victron Phoenix Inverter Smart-serie?

De Phoenix Inverter Smart-serie combineert modellen voor 12V-, 24V- en 48V-accusystemen met vermogens van 1600VA, 2000VA en 3000VA, een zuivere sinusuitgang, hoog piekvermogen, geïntegreerde Bluetooth, VictronConnect, VE.Direct-communicatie, Dynamic Cut-off, ECO-modus, Remote On/Off, een programmeerbaar relais en uitgebreide beveiligingen.

Victron Phoenix 48/2000 Omvormer