Op deze pagina vindt u de handleiding van de Victron scheidingstransformator 7000W 230V / 32A. U kunt de handleiding direct inzien via de PDF viewer onder deze tekst. U kunt de handleiding ook als PDF in uw browser opnemen via deze link: Handleiding Victron scheidingstransformator 7000W 230V / 32A
Koop Victron scheidingstransformator 7000W 230V / 32A
Zie ook: Product FAQ
Veelgestelde vragen en antwoorden
Bekijk hier de antwoorden op de meest gestelde vragen over dit product dat te koop is op Acculaders.nl.
Algemeen
1. Wat is een Victron scheidingstransformator?
Een scheidingstransformator scheidt de walvoeding elektrisch van de installatie aan boord en ondersteunt verschillende combinaties van 115V- en 230V-ingangs- en uitgangsspanningen.
2. Welke modellen behandelt deze handleiding?
Deze handleiding behandelt de Victron Isolation Transformer 2000W 115/230V, de 3600W 115/230V en de 3600W Auto 115/230V.
3. Waarvoor kan de Victron scheidingstransformator worden gebruikt?
De transformator kan worden gebruikt als 115V-naar-115V-, 230V-naar-230V-, 115V-naar-230V- en 230V-naar-115V-scheidingstransformator.
4. Welke ingangsspanningen ondersteunen de modellen?
Alle modellen ondersteunen een ingangsspanning van 115V of 230V. De Auto 115/230V-uitvoering schakelt automatisch tussen beide spanningen.
5. Welke uitgangsspanningen ondersteunen de modellen?
Alle modellen leveren een uitgangsspanning van 115V of 230V, afhankelijk van de configuratie.
6. Welke frequentie ondersteunen alle modellen?
Alle uitvoeringen zijn geschikt voor 50 Hz en 60 Hz.
7. Welke vermogens zijn beschikbaar binnen deze serie?
De serie bestaat uit een 2000W-uitvoering en twee 3600W-uitvoeringen, waarvan één met automatische ingangsspanningsdetectie.
8. Welke nominale stroom ondersteunt ieder model?
Het 2000W-model ondersteunt 18A bij 115V en 9A bij 230V. Beide 3600W-modellen ondersteunen 32A bij 115V en 16A bij 230V.
9. Beschikken alle modellen over een softstartfunctie?
Ja. Alle modellen zijn voorzien van een softstart.
10. Welk type transformator wordt gebruikt?
Alle modellen zijn uitgevoerd met een ringkerntransformator.
11. Welke voordelen noemt de handleiding van de ringkerntransformator?
De handleiding noemt een laag geluidsniveau en een relatief laag gewicht.
12. Van welk materiaal is de behuizing gemaakt?
De behuizing is uitgevoerd in aluminium.
13. Welke beschermingsklasse hebben de scheidingstransformatoren?
Alle modellen hebben beschermingsklasse IP21.
14. Volgens welke veiligheidsnorm zijn de modellen ontworpen?
Alle uitvoeringen voldoen aan EN 60076.
15. Binnen welke omgevingstemperatuur mogen de modellen worden gebruikt?
De toegestane omgevingstemperatuur bedraagt -20 °C tot 40 °C.
16. Welke maximale luchtvochtigheid is toegestaan?
De maximale relatieve luchtvochtigheid bedraagt 95%, zonder condensatie.
17. Beschikken alle modellen over ventilatorkoeling?
Ja. Alle modellen zijn voorzien van ventilatorkoeling met temperatuurregeling.
18. Hoe werkt de automatische ingangsspanningsdetectie van de 3600W Auto?
De 3600W Auto 115/230V schakelt automatisch naar de juiste ingangsspanning op basis van de aangeboden netspanning.
19. Welke led-indicatie gebruikt de Auto 115/230V-uitvoering?
De Auto-uitvoering gebruikt een groene ‘ON’-led en gele leds voor de 115V- en 230V-instelling.
20. Wat gebeurt er wanneer de ingangsspanning tussen 88V en 130V ligt?
De Auto-uitvoering schakelt automatisch over naar de 115V-ingangsinstelling.
21. Wat gebeurt er wanneer de ingangsspanning tussen 185V en 250V ligt?
De Auto-uitvoering schakelt automatisch over naar de 230V-ingangsinstelling.
22. Wanneer worden de ingang en uitgang automatisch uitgeschakeld?
Bij een ingangsspanning van 0–87V of van 130–185V schakelt de Auto 115/230V zowel de ingang als de uitgang automatisch uit.
Installatie en aansluiting
23. Waar moet de scheidingstransformator worden geïnstalleerd?
De scheidingstransformator moet in een goed geventileerde omgeving worden geïnstalleerd.
24. Hoeveel vrije ruimte is nodig rondom het product?
Rondom de scheidingstransformator moet 10 cm vrije ruimte worden aangehouden voor ventilatie.
25. In welke omgeving moet de transformator worden geplaatst?
De transformator moet in een hittebestendige omgeving worden geplaatst, zonder chemicaliën, synthetische componenten, gordijnen of ander textiel direct in de buurt.
26. Mag de scheidingstransformator aan water of stof worden blootgesteld?
Nee. De handleiding vermeldt dat de scheidingstransformator niet mag worden blootgesteld aan water, mist, sneeuw, spray of stof.
27. Mag de transformator worden gebruikt in een explosiegevaarlijke omgeving?
Nee. Het product mag niet worden gebruikt op plaatsen waar gas- of stofexplosies kunnen optreden en is niet beschermd tegen ontsteking.
28. Mag de behuizing worden geopend wanneer de transformator aangesloten is?
Nee. De behuizing mag niet worden geopend zolang het product nog met een elektrische voedingsbron is verbonden.
29. Hoe moet de walstroomkabel worden ingevoerd?
De walstroomkabel moet via de linker kabelwartel aan de onderzijde van de kast worden ingevoerd.
30. Hoe moet de AC-uitgangskabel worden ingevoerd?
De AC-uitgangskabel moet via de rechter kabelwartel worden ingevoerd.
31. Hoe wordt de walstroomkabel aangesloten?
De walstroomkabel wordt aangesloten op de klemmen met de aanduiding INPUT: groen/geel op PE, bruin op L en blauw op N.
32. Hoe wordt de belasting aangesloten?
De belasting wordt aangesloten op de klemmen met de aanduiding OUTPUT: groen/geel op PE, bruin op L en blauw op N.
33. Moet de behuizing worden geaard?
Ja. De behuizing moet worden verbonden met aarde, dat wil zeggen met alle metalen delen van de boot.
34. Waar wordt de aardverbinding van de behuizing gemaakt?
De aardverbinding wordt gemaakt op de M4-stud aan de onderzijde van de behuizing.
35. Welke minimale kabeldoorsnede geldt voor het 2000W-model bij 115/120V?
Voor het 2000W-model geldt bij 115/120V een minimale kabeldoorsnede van 2,5 mm², overeenkomstig AWG 13.
36. Welke minimale kabeldoorsnede geldt voor het 2000W-model bij 230/240V?
Voor het 2000W-model geldt bij 230/240V een minimale kabeldoorsnede van 1,5 mm², overeenkomstig AWG 16.
37. Welke minimale kabeldoorsnede geldt voor de 3600W-modellen bij 115/120V?
Voor de 3600W-modellen geldt bij 115/120V een minimale kabeldoorsnede van 6 mm², overeenkomstig AWG 10.
38. Welke minimale kabeldoorsnede geldt voor de 3600W-modellen bij 230/240V?
Voor de 3600W-modellen geldt bij 230/240V een minimale kabeldoorsnede van 2,5 mm², overeenkomstig AWG 13.
39. Moeten de spanningsinstellingen worden gecontroleerd vóór gebruik?
Ja. De handleiding waarschuwt dat de instellingen voor ingangs- en uitgangsspanning moeten worden gecontroleerd voordat de scheidingstransformator wordt gebruikt.
40. Hoe worden de overige modellen ingesteld op 230/240V?
Bij de niet-automatische modellen worden voor 230/240V ingang en/of uitgang de push-on jumpers geplaatst volgens figuur 2 van de handleiding.
41. Hoe worden de overige modellen ingesteld op 115/120V?
Bij de niet-automatische modellen worden voor 115/120V ingang en/of uitgang de push-on jumpers geplaatst volgens figuur 3 van de handleiding.
42. Wat moet met de ingangsaarde gebeuren als de boot in het water ligt?
Wanneer de boot in het water ligt, wordt de PE-draad vanaf de input PE-klem verbonden met J34A. Daarmee zijn ingang en uitgang van elkaar gescheiden.
43. Wat moet met de ingangsaarde gebeuren als de boot aan wal ligt?
Wanneer de boot aan wal ligt, bijvoorbeeld tijdens winterperiode of onderhoud, moet de PE-geleider in de boot rechtstreeks met de input PE worden verbonden.
44. Moet er een aardlekschakelaar op de uitgang worden geplaatst?
Ja. In de uitgangskabel van de scheidingstransformator moet een RCD of GFCI worden geïnstalleerd.
45. Waarom moet de uitgangsnul worden geaard?
Voor een juiste werking van de aardlekschakelaar moet de uitgangsnul worden verbonden met aarde, oftewel met alle metalen delen van de boot.
Beveiligingen, modelverschillen en samenvatting
46. Welke temperatuurbeveiliging hebben alle modellen?
Alle scheidingstransformatoren zijn voorzien van een temperatuurbeveiliging. Bij oververhitting schakelt de transformator automatisch uit.
47. Hoe wordt de transformator gekoeld?
Alle modellen zijn voorzien van ventilatorkoeling. Het toerental van de ventilator wordt automatisch geregeld op basis van de temperatuur.
48. Wat geeft de rode led aan op de Auto 115/230V-uitvoering?
De rode led geeft aan dat de ventilator is ingeschakeld.
49. Waarvoor dient de softstartfunctie?
De softstart beperkt de inschakelstroom zodat zekeringen en installatieautomaten minder snel aanspreken wanneer de transformator wordt ingeschakeld.
50. Welke beschermingsklasse hebben alle modellen?
Alle modellen hebben beschermingsklasse IP21.
51. Aan welke veiligheidsnorm voldoen de modellen?
Alle uitvoeringen voldoen aan de norm EN 60076.
Verschillen tussen de modellen
52. Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen het 2000W- en het 3600W-model?
De modellen verschillen in continu vermogen, nominale stroom, gewicht en afmetingen. Beide ondersteunen dezelfde ingangs- en uitgangsspanningen.
53. Wat is het verschil tussen de 3600W en de 3600W Auto?
De 3600W Auto beschikt over automatische omschakeling tussen 115V- en 230V-ingangsspanning. De standaard 3600W-uitvoering wordt handmatig ingesteld.
54. Hoeveel weegt ieder model?
De 2000W-uitvoering weegt 10 kg. De 3600W-uitvoering weegt 23 kg. De 3600W Auto weegt 24 kg.
55. Welke afmetingen hebben de modellen?
De 2000W-uitvoering meet 375 × 214 × 135 mm. Beide 3600W-uitvoeringen meten 362 × 258 × 218 mm.
56. Welke eigenschappen hebben alle modellen gemeen?
Alle modellen ondersteunen 115V en 230V, werken op 50 en 60 Hz, beschikken over softstart, ventilatorkoeling, een ringkerntransformator, een aluminium behuizing en beschermingsklasse IP21.
57. Welke ingangs- en uitgangsspanningen ondersteunen alle modellen?
Alle modellen kunnen worden toegepast als 115V-naar-115V-, 230V-naar-230V-, 115V-naar-230V- en 230V-naar-115V-scheidingstransformator.
58. Welke frequenties ondersteunen alle modellen?
Alle uitvoeringen ondersteunen zowel 50 Hz als 60 Hz.
59. Welk type transformator gebruiken alle modellen?
Alle modellen zijn uitgevoerd met een ringkerntransformator met een laag geluidsniveau en een relatief laag gewicht.
60. Welke omgevingstemperatuur geldt voor alle modellen?
De toegestane omgevingstemperatuur bedraagt -20 °C tot 40 °C.
61. Welke maximale luchtvochtigheid is toegestaan?
De maximale relatieve luchtvochtigheid bedraagt 95%, zonder condensatie.
62. Beschikken alle modellen over een aluminium behuizing?
Ja. Alle uitvoeringen zijn voorzien van een aluminium behuizing.
63. Ondersteunen alle modellen walstroomisolatie?
Ja. Alle modellen zijn ontworpen om de walvoeding galvanisch te scheiden van de elektrische installatie aan boord.
64. Voor welke toepassingen zijn de verschillende modellen bedoeld?
Alle uitvoeringen zijn bedoeld voor het galvanisch scheiden van AC-installaties en ondersteunen verschillende combinaties van 115V- en 230V-ingangs- en uitgangsspanningen.
65. Wat zijn de belangrijkste kenmerken van de Victron Isolation Transformer-serie?
De serie bestaat uit 2000W- en 3600W-uitvoeringen voor 115V- en 230V-systemen, beschikt over een ringkerntransformator, softstart, temperatuurgeregelde ventilatorkoeling, galvanische scheiding en een aluminium behuizing met beschermingsklasse IP21.